A290

Leesspots

Kaartleeslampjes voorin

(afhankelijk van de auto)

Aanraaklampen 1 of 2 om in te schakelen:

  • een constant brandende verlichting;
  • onmiddellijk uitgaan van de verlichting.

Opmerking:

Kaartleeslampjes achter

(afhankelijk van de auto)

Aanraaklampen 3 of 4 om in te schakelen:

  • een constant brandende verlichting;
  • onmiddellijk uitgaan van de verlichting.

Opmerking:

tip

Het ontgrendelen en het openen van de portieren zorgen voor het tijdelijk branden van de binnenlichten en de lichten.

Bagageverlichting

Het lampje 5 gaat branden bij het openen van de bagageruimte.